Weerbare planten

Eerste vlierbloesem, De Amstelaar, 1 mei 2026

Lieve Groen- en natuurvrienden,

Op 1 mei zag ik voor het eerst dit jaar een vlier in bloei staan, op een mooi landje langs de Amstel, bij het voedselbos-in-wording De Amstelaar. Sindsdien heb ik er meer gezien op beschutte zonnige plekken. Als je op de Verspreidingsatlas bij gewone vlier kijkt, dan zie je dat vlier al vanaf eind maart kan bloeien tot aan begin september, met 1 juni als top. Door zo’n lange bloeitijd spreidt de plant zijn risico’s. Vorst, storm, kou, veel regen of droogte duren zelden maandenlang dus een vlier kan altijd wel wat bessen krijgen. Als je vlierbloesem wilt plukken, plan dat dan tussen half mei en half juni. Een hittegolf kan de bloeitijd vervroegen en versnellen, dus hou daar rekening mee. Voor recepten, kijk op mijn website. Heb je geen tijd om siroop te maken, droog dan de bloesem, die kun je ook later verwerken.

Tot mijn schrik zie ik dat mijn vorige nieuwsbrief van bijna een jaar geleden dateert! Door de vele excursies, cursussen en de planning van een nieuw programma dit jaar, is het eerder tot mijn spijt niet gelukt.
Nu wil ik een aanvulling geven op het bericht over zieke planten die gebaat zijn bij een aspirientje uit de vorige nieuwsbrief met een item over weerbaarheid van planten. En ik wil stilstaan bij de vraag of je nog steeds duurzaam kunt wildplukken in ons land, zonder dieren tekort te doen.

De weerbaarheid van de plant

Het kardinaalsmutsje op de afbeelding ziet er behoorlijk slecht uit. De rupsen van de spinselmot -ook wel stippelmot- hebben al het blad opgegeten.
Toch is de situatie voor de boom niet zo dramatisch als het eruit ziet. De rupsen zijn klaar met eten en gaan zich verpoppen. De boom heeft geen last meer van ze. De slapende knoppen op de boom ontwaken binnenkort en over een maand of 6 weken staat de boom weer helemaal in het blad en lijkt er niet zoveel gebeurd te zijn.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Spinselmot/Stippelmot op kardinaalsmuts

Planten zijn heel weerbaar. In de vorige nieuwsbrief schreef ik al over een kwijnende boom die een aspirientje kreeg. Dat hielp want het salicylzuur (hoofdingrediënt van aspirine) dat planten zoals de wilg, moerasspirea en andere aanmaken, dient hun eigen afweer. Als een plant ziek is, helpt een beetje extra salicylzuur goed.
De andere wapens waarmee de plant zich beschermt tegen vraat zijn veel bekender. Iedereen kent de stekels, doorns, brandharen, harde schors, het gif en de bittere stoffen, de taaie vezels, de kleverige knoppen waarmee planten hongerige dieren op een afstand proberen te houden.

Maar er is meer. Planten blijken ook een microbioom te hebben, net als mens en dier. Het microbioom bestaat uit miljarden micro-organismen die beschermen tegen ziektes. Schimmels bijvoorbeeld zijn voor 95% van alle planten noodzakelijk om te overleven. Wil je hier meer over weten? Lees dan het boek Dankzij de Microben, van Marc-Andreé Selosse.

Twee weken geleden ontving ik de Nieuwsbrief van de Faculteit Bètawetenschappen van de Universiteit Utrecht van 30 april 2026. Het volgende artikel  trok mijn aandacht:

Gewassen herenigen met microbiële partners maakt weerbaarder tegen ziektes.
Uit onderzoek blijkt dat gewassen weer samenbrengen met de micro-organismen waarmee hun voorouders in het wild samenleven een veelbelovende manier is om ze weerbaarder te maken tegen ziekteverwekkers. Promovendus Dario Ramirez Villacis verzamelde aarde en micro-organismen in het Andesgebergte in Ecuador, de oorspronkelijke groeiplaats van wilde aardappelplanten. Hij toonde aan dat gecultiveerde aardappelplanten die groeien in grond met daarin herstelde gemeenschappen van micro-organismen, minder symptomen vertonen wanneer ze worden geïnfecteerd met de aardappelziekte.
Lees hier het hele artikel.

Vragen die leven: Doe je dieren tekort als je wildplukt?

Een veel gehoorde vraag aan wildplukkers is: doe je daarmee de dieren niet tekort? Het is goed daar nog eens uitgebreid bij stil te staan. Je wilt duurzaam wildplukken, zonder dieren schade toe te brengen en planten minimaal te belasten.

Wat doet een duurzame wildplukker?

Allereerst pluk je niet in natuurgebieden of heemtuinen. Je plukt alleen van veelvoorkomende planten die er volop staan en dan nog kleine beetjes, ongeveer 1%. Denk aan braam, brandnetel, kleefkruid en gewone berenklauw. Van de zogenaamde invasieve soorten mag je gerust meer plukken, denk aan dijkviltbraam, reuzebalsemien en Japanse duizendknoop.
Planten kunnen goed herstellen van vraat. Denk aan de pas gemaaide grasvelden en bermen, hoe snel die zich herstellen! Als mensen hun tuin maaien en snoeien, halen ze vaak meer weg dan die paar blaadjes en takken die jij plukt. Zeldzame planten pluk je niet, ook minder vaak voorkomende planten laat je staan. Als je eind april bermen vol paardenbloemen ziet, kilometers lang, dan kun je er met een gerust hart 50 plukken voor een potje gelei of flesje limonade. Voor je iets plukt kijk je of er geen diertjes op zitten, of eitjes van bijvoorbeeld vlinders. 

Het aantal insecten in ons land is de afgelopen jaren enorm achteruit gegaan. Door afname van hun leefgebied maar vooral door gebruik van voor insecten heel schadelijke landbouwgiffen. En van de achteruitgang van de insecten hebben vogels ook weer last. De krakeend -die kranswier eet- komt nu al vaker voor dan de wilde eend die de jongen met insecten voedt.
Kan je daar als wildplukker wat aan doen? Ja, ieder stukje groen helpt, de kleinste geveltuin of potplant maakt verschil. Gebruik wel biologische planten want helaas zitten de ‘gewone’ planten uit het tuincentrum vol gif. Koop zo veel mogelijk inheemse planten waar de insecten het meest aan hebben. Je zal zien dat insecten dankbaar gebruik zullen maken van paarse bijenplanten als lavendel en smeerwortel.
Als tegenprestatie voor het wildplukken zou je de insecten en vogels wat van die fijne planten kunnen aanbieden, op je balkon of stoep of in je tuin.

In onze Weesperzijdetuin vond ik afgelopen zondag tijdens de werkochtend verrassend veel verschillende insecten. Niet alleen veel voorkomende zoals menuetzweefvlieg. rozenkever en kaneelglasvleugelwants, maar ook minder algemene soorten zoals de bollenzweefvlieg en de bleekgele weekschildkever. (Met dank aan de app ObsIdentify voor de determinatie) Zie foto.

Bleekgele weekschildkever, Weesperzijdetuin, Amsterdam, 10 mei 2026

Grote zandkool

Grote zandkool

Gisteren zag ik deze plant op een luw plekje in de stad al in bloei. Niet zo bijzonder als je denkt want de bloeitijd is vanaf eind maart tot begin december, aldus de Verspreidingsatlas.

Een heerlijke plant, die het bovendien goed doet in ons land, in de laatste 30 jaar met een kwart toegenomen!

Zie ook het YouTube-filmpje onderaan.

Braam, Het Zonneveld, Leiden, 31 mei 2025

PLANTENCURSUS

Duik onder in de wondere wereld van de plant
Leer de plant kennen, begrijpen en waarderen
Volksuniversiteit

De meeste mensen vinden planten niet direct spectaculair. Pas als je beter gaat kijken en je afvraagt hoe ze kunnen groeien, bloeien en overleven onder de meest barre omstandigheden, dan wordt het interessanter. En als je je realiseert dat wij in alles wat we nodig hebben (zuurstof, voedsel, medicijnen, kleding, bouwmaterialen, papier, verfstoffen enzovoorts) afhankelijk zijn van planten, dan krijgen wij meer oog voor wonderbaarlijke capaciteiten van de planten. Wil je meer weten over de wondere wereld van de planten en onder andere leren hoe een plant zijn eigen voedsel maakt? Hoe slaagt een plant erin om te overleven onder de meest extreme omstandigheden? Volg dan deze cursus.

In zes wekelijkse bijeenkomsten – die elk beginnen met een binnenles van een uur met theorie (Powerpointlezingen) gevolgd door een excursie van 1,5 uur buiten in de natuur – vanaf 4 september, verdiepen we ons in de bijzondere eigenschappen en onverwachte vermogens van planten. Bioloog en natuurgids Wies Teepe neemt je stap voor stap mee in hoe je planten leert kennen, begrijpen en waarderen.

Doel
Je leert inzicht krijgen in het leven en de eigenschappen van planten. En je ervaart hoe leuk, gezond en verrijkend het is om met andere ogen naar de natuur te kijken!

Voor wie
Voor natuurliefhebbers die meer willen weten van planten en kruiden – voorkennis is niet nodig, alleen een open blik en nieuwsgierigheid!

FLORACURSUS

Braam, Het Zonneveld, Leiden, 31 mei 2025

Eetbare Planten
Volksuniversiteit

Je leert hoe je eetbare wilde planten herkent en onderscheidt van hun oneetbare dubbelgangers
Wat je mag plukken – en wat niet (wildplukregels!)
Waar in de natuur en in en rond de stad je ze kunt vinden en wanneer
Hoe je ze verzamelt, bereidt en toepast in je eigen keuken
En vooral: hoe leuk, gezond en verrijkend het is om met andere ogen naar de natuur te kijken!

Bij elke excursie gebruik je al je zintuigen: je leert niet alleen kijken, maar ook ruiken, voelen, proeven en luisteren naar de planten om je heen. Met handige ezelsbruggetjes, herkenningspunten en verhalen blijft wat je leert écht hangen.

Voor wie?
Voor natuurliefhebbers die meer willen weten van eetbare wilde planten en kruiden – voorkennis is niet nodig, alleen een open blik en nieuwsgierigheid!

OOGST WEESPERZIJDETUIN

Wortels met loof Oogst Weesperzijdetuin Amsterdam 10 mei 2026
Wortel oogst Weesperzijdetuin Amsterdam 10 mei 2026

RECEPT PESTO WORTELLOOF

Lekker maaltje met worteltjes en wortelloofpesto, Amsterdam 10 mei 2026

Veilig plukken en Japanse Duizendknoop Symposium

Japanse duizendknoop, Ooster Ringdijk, Amsterdam 8 mei 2022

Lieve Groen- en natuurvrienden,

De dikke jonge scheuten van de Japanse duizendknoop hebben een onweerstaanbare aantrekkingskracht op mij. De plant is heel lekker en erg gezond en ruim aanwezig. Het plekje aan de Ooster Ringdijk staat er vol mee. Ik kom er graag plukken. Maar is het ook veilig daar te plukken? 

Om er achter te komen of je Japanse duizendknoop ergens veilig kan plukken, is het verstandig om te kijken naar:

  1.  Wordt er misschien gif gebruikt?
  2.  Is de grond verontreinigd?
  3.  Wordt de plant bestreden en zo ja hoe?

Deze vragen hielden mij zo bezig dat ik erin ben gedoken. Ik heb contact gezocht met het Netwerk Invasieve Exoten en ik ben naar het Japanse Duizendknoop Festival gegaan waar mijn beeld van de Japanse duizendknoop veranderd is. Lees hieronder over mijn zoektocht en de antwoorden en tips die ik kreeg.

Vragen die leven: wordt er gif gebruikt bij het bestrijden van ongewenste planten als Japanse duizendknoop?

Vaak krijg ik een vraag over gebruik van gif bij de bestrijding van invasieve soorten, zoals de Japanse duizendknoop. Voor duurzaam wildplukken, is het juist heel goed om te kiezen voor deze snelgroeiende planten die in grote hoeveelheden voorkomen.

Ik vroeg Chris van Dijk van WUR (Wageningen University & Research), Kennisnetwerk Invasieve Exoten hoe hij hierover denkt en welke planten in Nederland tot de invasieve flora gerekend worden. Dit is zijn antwoord: hartelijk dank daarvoor!

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

“Op niet-landbouw terreinen worden vrijwel geen bestrijdingsmiddelen gebruikt omdat daar een gebruiksverbod van bestrijdingsmiddelen geldt. Voor duizendknoop geldt nog een uitzondering maar ik heb niet de indruk dat gemeenten, provincies en natuurterreineigenaren daar gebruik van maken. Als het al wordt toegepast is dat meestal op het meest optimale moment, namelijk september, dan is de duizendknoop al niet meer eetbaar. Dit is het beeld wat ik erbij heb, ik kan natuurlijk niet garanderen dat dat nergens zou gebeuren.
 
De officiële invasieve exoten lijst is de zogenaamde Unie-lijst met soorten die ergens in Europa voorkomen en schade veroorzaken of dit in de toekomst waarschijnlijk gaan doen. Het bezitten, verhandelen, kweken, transporteren en importeren van deze soorten is in de hele EU verboden. Plukken (bezitten) en meenemen (transporteren) is niet toegestaan, bedoeld om verdere verspreiding te voorkomen.
 
Japanse duizendknoop staat overigens niet op die lijst, maar ook daarbij geldt dat voorzichtigheid is geboden want kleine stukjes stengel kunnen als ze ergens anders op de grond komen weer uitlopen tot nieuwe planten. In algemeenheid geldt dat je met deze soorten voorzichtig moet zijn, het zijn niet voor niets invasieve soorten.”

Japanse Duizendknoop Symposium

Op 14 april jl. vond bij Mediamatic het Japanse Duizendknoop Symposium plaats, heel leerzaam, leuk en inspirerend. Niet alleen voor mij maar voor elke natuurvriend. Zie de tergublik en presentaties.
De volgende verhalen spraken mij in het bijzonder aan omdat ze vernieuwend zijn en aansluiten bij mijn ideeën over mens en natuur.

Sus Willems van Duizend knopen ontward adviseert gemeentes, particulieren en bedrijven in het omgaan met ongewenste Japanse  duizendknoop. Zijn boodschap is vooral rustig te blijven en advies in te winnen over het beste plan van aanpak. Zijn ervaring is dat Japanse duizendknoop het best ecologisch bestreden kan worden. In je tuin kun je er bijvoorbeeld snelgroeiende planten naast zetten, zoals hop, riet, bosrank of wilde wingerd. Dit gecombineerd met snoeien. Ook schaduw belemmert duizendknoop in zijn groei. Of je zet er een kippenren op, dan nemen de kippen het snoeien graag van je over. Varkens lusten hem ook! De plant niet uitgraven of verstoren, alleen snoeien. Verstoren leidt vaak tot averechts effect, dat zet de plant juist aan tot het vormen van lange ondergrondse uitlopers.
Japanse duizendknoop zal ‘inburgeren’, de schade wordt vaak sterk overdreven. Schimmels, roesten, insecten en andere pathogenen (ziekteverwekkers) hebben de plant al ontdekt. Deze co-evolueren met de invasieve soorten, net zoals bij de Amerikaanse vogelkers.

Anke Wijnja van The Nature Connection,  wildplukker, buschcrafter en verbonden aan de Ceuvel (waar ik 2 jaar geleden in mijn nieuwsbrief over schreef Gif in de tuin van broedplaats de Ceuvel) vertelde over haar werk en gaf onder meer tips voor oogsten van Japanse duizendknoop en een aantal heerlijke recepten met de plant.

Norbert Peeters (universiteit van Leiden) gaf een beeld van de geschiedenis van hoe de Japanse duizendknoop geliefd en gehaat werd. Von Siebold haalde de plant in 1863 naar Nederland. Hij stichtte een tuin in Leiden waar hij Japanse zaden opkweekte. Een van de allermooiste was de Japanse duizendknoop, hij propageeert ‘m als ‘zeer aantrekkelijk’. Peeters doet een PHD naar invasieve exoten, maar, zo vraagt hij zijn publiek, “Zijn wij zelf niet nog meer een invasieve exoot?”

Jaike Bijleveld van Gemeente Amsterdam vertelt hoe de Gemeente omgaat met Japanse duizendknoop. In januari 2020 waren er 48 locaties, drie jaar later 1200. Alles is goed in kaart gebracht: 

De Gemeente Amsterdam heeft een uitgebreide kaart van de bodemkwaliteit in de stad waarop de mate van verontreiniging zichtbaar is. De moeite waard om even te kijken! Lichtblauw is zone 1, de schoonst mogelijke grond, en daar kun je prima van eten. Wel komen daar ook hondjes langs en is er verkeer in de buurt, dus wassen met een oplossing van natriumbicarbonaat is aan te bevelen. Zone 2 en 3 zijn schoon genoeg voor wildpluk. Mijn buurt en de hele 19e-eeuwse stad blijkt zone 6 te zijn, flink vervuild dus. In de Pijp, de Jordaan en langs de Amstel waren veel werkplaatsen, zoals leerlooierijen, scheepsbouw en later garages.

Bestrijding Japanse duizendknoop en vindplaatsen. De Gemeente Amsterdam heeft een andere heel inzichtelijke kaart van de bestrijding en het voorkomen van de Japanse duizendknoop in de stad. Als je klikt op de link zie je dat der 3 categorieën zijn: de plant is gemeld, de plant is geschouwd, de plant wordt actief bestreden. De actieve bestrijding gebeurt niet met gif, maar via afdekken, afgraven, bevriezen of verhitten. De Gemeente gebruikt dus geen glyfosaat; Prorail doet dat wel! Dus pluk nooit bij spoorbanen.

Met vernieuwd enthousiasme heb ik dit voorjaar volop geëxperimenteerd met Japanse duizendknoop.

Bij het plukken, vervoer en verwerking van de oogst hield ik me natuurlijk strikt aan de voorschriften; bij oogsten en vervoer naar huis geen snippertje laten vallen en alle afval bij het restafval doen wat immers verbrand wordt.
Onderaan heb ik voor jullie een recept voor een zoet toetje, een zoetzure chutney en een hartige pannenkoek. Allemaal lekker, mooi en gezond.
Gezond want de stof resveratrol beschermt de plant tegen 
schimmels, virussen, bacteriën, insecten, uv-straling en beschadiging. Bij de mens werkt resveratrol onder meer ontstekingsremmend, antiviraal, antibacterieel, beschermt het zenuwweefsel en werkt als anti-oxidant. Resveratrol wordt ook genoemd in verband met kanker, maar daarbij kan het de werking van geneesmiddelen negatief beïnvloeden. 

Kraailook

Kraailook herkennen


Dit voorjaar heb ik steeds beter die lekkere kraailook langs de kant van de weg leren herkennen. 

Van december tot juni zie je hem vaak op dijken, in bermen en weilanden staan. Te herkennen aan de blauwige kleur en de dunne opgerolde priemvormige  bladeren. Lijkt op bieslook. Zowel qua smaak als bouw. Er is één verschil: kraailook heeft een geultje aan de bovenkant van het blad, dat wil zeggen de bladkant die naar het midden gericht is. Zie foto hieronder. Lekkerder en voller van smaak dan bieslook.  Op dezelfde manier te gebruiken. 

3 Nieuwe recepten met Japanse duizendknoop

Filmpje

Het heerlijke harig knopkruid

Harig Knopkruid, Galinsoga quadriratiata (links en rechts) en Zwarte Nachtschade, Solanum nigrum (midden), Berlijn, 16 oktober 2022

Begin oktober was ik in het Amsterdamse Bos een rondleiding aan het voorbereiden toen ik daar tot mijn aangename verrassing tussen de stoeptegels harig knopkruid zag staan, een van mijn favorieten. Een heerlijke plant plant die qua smaak aan artisjok doet denken.

Deze pioniersplant vind je veel in stad. Het is een eenjarige soort die houdt van voedselrijke, zandige grond. Je vindt hem op akkers, in moestuinen, en op lege stukjes grond -de zogenoemde ruderale terreinen- in de stad. Zulke lege stukken zijn dé plek waar je pioniersplanten vindt, zij koloniseren deze gebieden als eerste. 

Pal ernaast stond de mooie maar giftige zwarte nachtschade, zoals de naam al doet vermoeden. Ook al zo’n pioniersplant die van zeer voedselrijke grond houdt. Niet gek dus dat je deze twee vaak samen aantreft. Zwarte nachtschade is ook eenjarig, dat wil zeggen dat hij binnen een jaar zijn hele groeicyclus voltooit: kiemen uit zaad in het voorjaar, groeien, bloeien, zaad vormen en in de herfst weer afsterven. Het zaad overwintert en kan het volgend voorjaar weer kiemen op dezelfde plek of op een nieuwe lege plek.

Een week later zag ik in Berlijn in een straat langs een voormalig fabrieksterrein dit tweetal ook weer naast elkaar staan, twee mooie exemplaren, zie foto. Deze kans om jullie de verschillen te leren, grijp ik nu aan.

Op het eerste gezicht lijken de twee planten wel wat op elkaar, beide hebben witte bloempjes met een geel hartje, en de bladeren hebben ongeveer de zelfde vorm en grootte. Als je het harig knopkruid veilig wilt kunnen plukken om op te eten, moet je je dus concentreren op de verschillen tussen beide planten. 

Zoek de verschillen tussen harig knopkruid en zwarte nachtschade in de foto’s hieronder.
Let op kleur, vorm, positie en aantal van de verschillende onderdelen, zoals bloem, blad, knop.

Harig knopkruid, Galinsoga quadriradiata, Berlijn, 16 oktober 2022, foto Bert Muller
Zwarte nachtschade, Solanum nigrum, Berlijn, 16 oktober 2022

Als je kijkt naar beide planten, dan zie je vooral verschillen in in de kleur van de bladeren en de bouw van de bloem. De bladeren van de nachtschade zijn meer blauwig, van knopkruid echt groen. Het hartje van de bloemen van de nachtschade is kleiner en puntiger, de witte kroonblaadjes zijn groter en lopen uit in een punt in plaats van drie tanden zoals bij het knopkruid.

Knopkruid: de bloemen zijn klein, ongeveer een halve centimeter in doorsnede. Het zijn samengestelde bloemen, met een rand van 5 witte lintbloemen die drietandig zijn (die 3 tanden zitten aan het uiteinde). en in het midden een stuk of 40 gele buisbloempjes.  Soms zijn er minder lintbloemen, soms meer, tussen de 4 en 7. Het tweede deel van de wetenschappelijke naam, quadriradiata, betekent ‘met vier straalbloemen’. Maar het zijn er meestal meer.
De lintbloemen raken elkaar niet, er zit veel ruimte tussen. Zoals de eerste babytandjes, zoals een cursist dit laatst heel treffend benoemde. De bladrand is getand. Zie ook het filmpje over harig knopkruid op de site van De Flora van Nederland. 

Nachtschade: de bloemen zijn iets groter, ruim een centimeter in doorsnede. Het zijn enkelvoudige bloemen, met 5 witte kelkblaadjes die spits toelopen die elkaar aan de voet overlappen. In het midden is een geel uitsteeksel, dit zijn de grote helmhokken. De bloemen knikken een beetje, alsof ze naar beneden kijken. Na de bloei verschijnt een ronde glanzende bes, aanvankelijk groen maar later zwart. Dit is het meest giftige deel van de plant. Zie ook het filmpje over zwarte nachtschade op de site van De Flora van Nederland. 

 

Vragen die leven: de vlier - soms struik, soms boom

Vlier, zelfoogsttuin de Nieuwe Ronde, Wageningen, eind mei 2022, foto Lisa Bontenbal

In mijn vorige blog vroeg ik of iemand in Nederland wel eens zo’n grote vlierboom met onvertakte stam had gezien. Oostelijk van Nederland vind je die wel, zoals het exemplaar dat ik in Berlijn fotografeerde.

En ja! Lisa schreef me ‘Eind mei was ik op bezoek bij een zelfoogst tuin in Wageningen, de Nieuwe Ronde, en daar trof ik deze prachtige vlier bomen aan!’ Wat een prachtige foto, dank je wel Lisa!

Recept

Door de zachte temperatuur en de regen na de droge zomer, zijn er nu veel eetbare planten te vinden. Naast brandnetel, berenklauw, melganzevoet, zag ik in de bermen langs de Rooseveltlaan eergisteren massaal harig knopkruid staan. De straat is daar opgebroken geweest en harig knopkruid bezette de lege berm.

Harig knopkruid

Al eerder gaf ik jullie het recept van harig-knopkruidomelet. Op de onvolprezen Wildplukwiki van Roel van Kollum vond ik dit recept van Zuid-Amerikaanse soep van knopkruid. Heel toepasselijk, want de plant is immers -midden 19e eeuw, dus 170 jaar geleden- uit Midden-Amerika naar ons land gekomen. Nu hier een recept van lasagne met harig knopkruid.

De den goed beschouwd

Den, Pinus sylvestris, Kampina, 3 mei 2022

Begin mei was ik op de fiets naar een bridge-midweek in Oisterwijk en reed ik door natuurgebied de Kampina tussen de dennen, vennen, heide en de geurige gagel door.
De volgende dagen zijn we er met elkaar gaan wandelen om dit verrassende gebied beter te leren kennen. In deze tijd van het jaar lopen ook de tragere bomen en planten uit. Zoals de den. Die houdt in de winter zijn naalden en is nu pas aan het uitlopen.
Wat zo bijzonder is aan de den, is dat er aan het eind van de takken drie verschillende knoppen zitten. Knoppen waar de jonge takken uit groeien, scheuten met minuscule naaldjes op kleine takjes. En twee soorten bloemknoppen. Hier komen de mannelijke en vrouwelijke bloemen uit. 

Op de foto hierboven is rechts een jonge scheut met naaldjes te zien. In het midden staat nog een jonge scheut met aan de top jonge naaldjes met daaronder de knoppen van de mannelijke bloemen.
Overal waar ik keek zag ik deze combinatie.
Waar zijn de vrouwelijke bloemen? 

Na goed zoeken vonden we op de jonge takscheut de vrouwelijke bloemen: mini-dennenappeltjes – zie foto hieronder – een beetje rood van kleur. Het zijn er veel minder en ze zijn veel kleiner dan de mannelijke bloemknoppen. Je ziet hier geen stamper en die is er ook niet. Het stuifmeel komt rechtstreeks op het vruchtbeginsel, via een verdampend druppeltje water. Dit heet naaktzadig, een eigenschap van hele oude primitieve, doch succesvolle planten.

Den, Pinus sylvestris, Kampina, 5 mei 2022, foto Miep van Dam

 De bloemen van de den zijn eenslachtig maar ze staan wel op dezelfde boom. Dat noemen we eenhuizig. De reden dat er zoveel meer mannelijke bloemen zijn dan vrouwelijk is dat de den een windbestuiver is. Er moet heel veel stuifmeel zijn voor een goeie kans op bestuiving. Als je heel goed kijkt, zie je op de bovenste foto bij de mannelijke bloemknoppen al de gele kleur van het stuifmeel. 

Nu eind mei, zijn de jonge scheuten al verder ontwikkeld. Dit is een goed moment om ze te oogsten en klaar te maken als gelei, limonadesiroop, kruidenbitter of dennenolie. 

Voor je gaat plukken, kijk even goed naar afbeeldingen van de grove den (Pinus sylvestris) of de zwarte den (Pinus nigra), zodat je niet met de verkeerde thuiskomt. Verwar hem niet met bijvoorbeeld de taxus, die is buitengewoon giftig!

Vlier: soms struik, soms boom

Vlier, Rüdersdorfer Strasse Berlijn, 14 mei 2022

In Nederland kennen wij de vlier vooral als een struik die niet zo hoog wordt. Het is een tot wel 7 meter hoge struik of kleine boom. Vlier kan kan dus allebei zijn.  In Duitsland zag ik deze vlier met een duidelijke onvertakte stam. Verrassend, want ik had dat nog nooit gezien in Nederland!
Wie wel? Graag hoor ik dat van je! >

Recept

Japanse Duizendknoop

Op dit ogenblik zijn er veel eetbare planten te vinden. Naast bloeiende vlier en de den zag ik in de bermen langs het Amsterdam Rijnkanaal bloeiend glad walstro en op een landje bij Nesciobrug en de Ooster Ringdijk jonge scheuten Japanse duizendknoop. Voor die laatste gaf ik jullie al eerder zoete recepten, Nu hier een hartig recept (Recept met dank aan Jos de Bruijn), een echte smaakknaller van zuur en zout!

Weet je niet precies hoe je Japanse duizendknoop kunt herkennen? Kijk naar het filmpje 

Volop nieuw groen

Vroege lente, vroege bloeiers

Sleedoorn, Prunus spinoza, Spoorpad Weesp, 9 maart 2022

Al vroeg in het voorjaar bloeit -voordat er blad aan de boom zit- de kleinste pruim die we in Noordwest-Europa hebben: de pruim-met-doorns ofwel sleedoorn. Ik vond hem op een luw plekje langs het spoor.
Dit vroege voedsel is heel fijn voor ontwakende bijen en andere insecten, want verder is er nog niet veel. Voor de boom zelf is die vroege bloei niet zonder risico want de tere bloem kan slecht tegen vorst. Andere fruitbomen wachten met bloeien tot later in het seizoen, als de kans op nachtvorst kleiner is. Zo blijven de bloemen veilig in de knoppen zitten, beschermd door speciale anti-vries kunnen ze flinke vorst doorstaan.

In vroeger tijden verbaasden mensen zich over de vroege bloei van de sleedoorn. En bedachten hoe dit zo gekomen zou kunnen zijn. Zoals gebruikelijk in die tijd zochten ze de ‘verklaring’ in de religieuze hoek. 

Heel lang geleden stond de sleedoorn in de zomer lekker te bloeien. Hij was een beetje aan het soezen in de warme zon en hoorde de andere planten roddelen. Dat gebeurde wel vaker, maar nu ging het ineens over hem! ‘Wisten jullie dat het de sleedoorn was, van wie de takken met scherpe gemene doorns de doornenkroon van Jezus werd gemaakt?’, ‘Nee? Nou dat is toch echt zo, ik heb het zelf gehoord van …, (onduidelijk gemompel) die stond er naast.’ De sleedoorn werd er verdrietig van. Alsof hij daar iets aan had kunnen doen!
De volgende dag ging hij naar de hemelpoort en klopte aan. Onze lieve heer deed zelf open. De sleedoorn legde uit waarom hij gekomen was. ‘U heeft dit plan om uw zoon op te offeren bedacht, in uw alwetendheid. Maar ik heb er ongewild een rol in gespeeld en nu wordt er lelijk over mij gesproken. Dat is niet eerlijk.’ ‘Tja,’ zei God ‘daar heb je wel een punt. Ik zal eens even denken hoe we dat kunnen rechtzetten.’ Even later had hij al iets bedacht. ‘Sleedoorn,’ zei hij ‘voortaan zal je in het voorjaar als allereerste boom bloeien. Voordat er bladeren aan je takken zijn, zodat iedereen ze goed kan zien. De bloemen zullen zuiver wit zijn. Zo zal iedereen weten dat je onschuldig bent.’ En zo gebeurde het. Voortaan werd er alleen maar goed gepraat over de sleedoorn, en werden haar heerlijke pruimpjes geroemd.

 

Gele kornoelje, Oosterpark Amsterdam, 19 maart 2022

Ook de gele kornoelje bloeit vroeg, nog voor het blad aan de boom zit. Zie foto. In het najaar krijgt hij rijpe ovale rode vruchten. Met een heerlijke aromatische fris-zure smaak. Ze hebben het model van een olijf. Als je de onrijpe vruchten op zout water zet, dan worden het ook (bijna) olijven. Van de rijpe vruchten kun je lekkere jam maken, of in een taart verwerken. Zeer de moeite waard. Onthou de plekken waar je nu de gele bloesem ziet om daar in september de vruchten te gaan plukken. 
Hier de link naar het filmpje van de gele kornoelje.

Op veel plaatsen komt het kleefkruid al uit de grond. Tuiniers zijn niet zo dol op hem. If you can’t beat it, eat it, zeggen wildplukkers altijd en dat geldt zeker ook voor het kleefkruid in je tuin. Hieronder een recept voor een hartige taart met kleefkruid.

Kleefkruid

Vragen die leven

Look-zonder-look, Amsterdam, 4 maart 2022

De geur van look en ui: zit die al in de plant?

Er zijn heel wat planten die naar look of uit smaken. Natuurlijk de ui zelf, prei, knoflook en bieslook, allemaal gekweekte planten binnen het geslacht look (Allium). Ook hebben we in Noordwest-Europa wilde planten zoals kraailook en daslook. Beide zijn nu volop te vinden. De armbloemige look kom je in de duinen wel tegen.
Buiten het geslacht look zijn er ook planten met deze geur, zoals look-zonder-look. Ze komen nu in rozetvorm uit de grond. Zie foto.

De geur van deze planten is soms zo scherp dat je je afvraagt of de plant er zelf wel tegen kan. Hoe zit dat eigenlijk in deze planten, brengt dat inwendig geen schade toe? Of gebeurt er iets op het moment dat de plant beschadigd wordt? Dat laatste blijkt het geval. In de plant is een onschuldige voorloper van de scherpe stof aanwezig. Als de knoflookplant beschadigd wordt komt deze stof in aanraking met een enzym die veilig elders in de plant zat. Door het samenkomen wordt het omgezet in ammoniak, pyrodruivezuur en een stof die uiteenvalt tot een scheikundige stof die disulfide heet, dit is het sterkste en belangrijkste bestanddeel van de knoflookgeur. Andere lookplanten hebben elk een eigen disulfide, waardoor ze ook elk een eigen ui-achtige geur hebben.
Uien hebben ook nog een tweede stof, de traanstof (de lacrymator) die gevormd wordt bij beschadiging en wanneer het in contact komt met het traanvocht, zwavelzuur vormt. Waar je van gaat huilen.

Heb je ook een vraag over een intrigerende kwestie in de natuur? Aarzel niet het mij te laten weten >

Natuur in de stad

Natuur in de stad

Kardinaalsmuts, Schellingwouderscheg, 22 oktober 2021

De stadsbewoner hoeft niet ver te gaan om zich door de natuur te laten verrassen. Parken, buurttuinen, daktuinen, balkons,  bermen, geveltuinen en ander stedelijk groen hebben een grote rijkdom aan plantensoorten.
Op een wandeling in Amsterdam-Noord werd mijn aandacht getrokken door een knalrood boompje. Het bleek deze kardinaalsmuts op de foto hierboven te zijn. Nu op zijn mooist met de kleurige doosvruchten en bladeren. De oranje zaden komen tevoorschijn zodra de roodpaarse vrucht open gaat. Het witte zaad wordt omhuld door een oranje zaadmantel. Voor ons zijn ze giftig, maar vogels eten de zaden graag.

De stadsflora is lang genegeerd maar staat nu weer volop in de belangstelling. Laatst was ik uitgenodigd door groenconciërge van het Knowledge Mile Park om aan een enthousiaste bewonersgroep te vertellen over het belang van groen voor de biodiversiteit in de stad. Louise Koopman schreef hierover een leuk artikel, onder de titel Een groene openbaring

Het zogenoemde ‘Urbane district’ heeft een veel grotere diversiteit aan plantensoorten dan waar ook in Nederland! Het is dynamisch en heeft 80 unieke soorten. Nieuwkomers onder de planten komen vaak via de stad binnen. Stadsecoloog Ton Denters laat me nog beter begrijpen welke invloed de stad heeft op de biodiversiteit van planten. schrijft in zijn boek Stadflora van de Lage Landen onder andere; “De stad wordt gezien als mensenwerk. Alles lijkt gepland, maar er is een andere werkelijkheid. Steden zijn evenzeer het domein van een spontane flora, die haar eigen gang gaat. Als we een plek uithanden geven, neemt de natuur het over.” Een aanrader, dit boek.

Insecten en groen

Gewone slobkousbij op puntwederik

Planten en dieren zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Zonder groen geen dieren, en zonder dieren krijgen planten het ook moeilijk. Met name insecten zijn erg belangrijk voor de plant vanwege de bestuiving.  Als er minder insecten zijn, maken planten minder zaad en als er minder soorten insecten zijn, zijn de zaden minder kiemkrachtig. 
Hoe meer planten, hoe meer insecten. Met name inheemse planten zorgen voor een grote toename in aantallen insecten en in aantal soorten. Zo draagt meer groen bij aan verbetering van het hele ecosysteem.
Het nieuwste boek van Dave Goulson, heet “Stille aarde, hoe we de insecten van de ondergang kunnen redden”.  Over wat wij kunnen doen om de achteruitgang van insecten te keren. Essentieel want hun uitsterven heeft desastreuze gevolgen voor de hele voedselketen. De titel is natuurlijk een vingerwijzing naar “Silent Spring”, het fameuze boek van Rachel Carlson uit 1962 over de nadelige milieueffecten door het gebruik van pesticiden.

In Amsterdam worden goeie bijencursussen gegeven door WellBeeing. In het Westerpark hebben ze een Bijenpaleis. Wil je ze zien vliegen? Kijk dan naar het filmpje op de site. Een prachtig gezicht!

Berenklauw

Berenklauw

Recept
Berenklauwkroketten >

Op veel plaatsen waar de berm een maand geleden is gemaaid, vind je nu de mooie jonge bladeren van de gewone berenklauw (niet te verwarren met de reuzenberenklauw, daar kun je maar beter ver van blijven).

Je kunt in plaats van berenklauw ook het blad van andere bermgroentes gebruiken zoals smalle weegbree, perzikkruid, brandnetel, hondsdraf, pastinaak, koolzaad, raapzaad en raket.

Vragen die leven

Welke delen van de walnoot kun je gebruiken voor likeur?

In mijn vorige blog schreef ik over de aromatische plantenzaden en hoe je dat aroma met alcohol kan extraheren. Ook van walnoot kan je op zo’n manier wijn maken.
Hierop kreeg ik een vraag van lezer Ineke. Ze schreef dat je de noten toch in juni en juli plukt en niet in september. Want de noten zijn dan nog niet rijp, de schil is nog groen dus je kan ze nog makkelijk snijden en verwerken. Na juli is het te laat want ze krijgen dan een houten laag die je moet kraken en de schil verdroogd dan ook. Haar vraag is: Hoe los jij het op?
Dank je wel, Ineke, voor deze goede vraag! 

Zowel de boom als de vrucht heet walnoot. Dat is verwarrend. Ik bedoelde met walnoot de boom. Om hier notenlikeur van te maken, kun je 3 verschillende delen van de walnotenboom gebruiken. Het blad, de groene bolster die rond de noten zit en de onrijpe noten zelf. Het blad is het lekkerst als het jong is, in mei en juni.  Maar de boom maakt ook later nog bladeren die je heel goed kunt gebruiken voor de likeur. De groene bolster kan gebruikt worden zodra die er is en zolang hij groen is. De onrijpe noot zelf inderdaad alleen tot die verhout.

Een goede test is het deel dat je wilt gebruiken (blad of bolster) te kneuzen en dan ruik je die lekkere geur waar het om te doen is. Mijn ervaring is dat je nog wel tot in oktober het jongste blad aan de boom kunt gebruiken. Toen ik zelf het recept kreeg, was het oktober. Ik ben gelijk bladeren gaan zoeken en de likeur gaan maken. Het resultaat was een hele aangename verrassing!

Heb je ook een vraag over een intrigerende kwestie in de natuur? Aarzel niet het mij te laten weten. 

Aromatische plantenzaden

Van links naar rechts: zaad van berenklauw, venkel en pastinaak op alcohol

De zonnige nazomerdagen vragen erom naar buiten te gaan. Het leuke van dit jaargetijde is dat je in en rond de stad kunt genieten van kleurrijke verscheidenheid aan bladeren, rijpe bessen en zaden, vruchten en noten.
Zo’n overdaad aan verleidelijk spul inspireerde mij om mijn kans te pakken en er iets lekkers van te maken. Te meer omdat ik in Italië de hand heb weten te leggen op alcohol van 96%! Terwijl in Nederland 40% het hoogst verkrijgbare alcoholpercentage is. (Met veel dank aan Margreet en Raynold voor het transport!) Alcohol heeft als voordeel dat het de lipofiele (vetoplosbare) smaakstoffen van de plant eruit haalt; met water lukt dat niet.

Langs de Amstel en het Amsterdam-Rijnkanaal staan walnotenbomen met groene bolsters en nog tamelijk jonge bladeren, geschikt om walnotenlikeur van te maken.

In de berm van de Weespertrekvaart vond ik mooie jonge bladeren en bloemen van boerenwormkruid. Dit dankzij het maaien van de berm een paar weken geleden: de overgebleven stompen zijn weer uitgelopen. Zo kan je in de herfst toch nog planten vinden in de lente van hun leven zijn. De planten die aan maaien ontsnapten zijn inmiddels uitgebloeid en de bladeren ervan zijn te oud en te taai om nog iets culinairs mee te doen.
Van de ‘lente’-boerenwormkruidplanten heb ik dankbaar gebruik gemaakt en een klein deel van de bloemen en jonge bladeren verzameld. Bij kneuzing komt de heerlijke geur vrij uit bloemen en jong blad. Dit aroma wordt door alcohol aan de plant onttrokken, dus zo maak je er een heerlijke kruidenbitter van. Al binnen een paar uur kleurde de alcohol mooi heldergroen! Veelbelovend. 
Noot: gebruik hiervan niet meer dan een glaasje per dag. Want behalve het heerlijke aroma, bevat boerenwormkruid ook een lage dosis van het giftige thujon dat wormafdrijvend is. Als je er meer van neemt, dan veroorzaakt het duizeligheid, krampen en buikpijn, en wekt abortus op.

In het Diemerpark en langs het Amsterdam-Rijnkanaal zag ik verrassend veel uitgebloeide bloemhoofden van de gewone berenklauw, met hun zeer aromatische rijpe zaden. Als je goed naar zo’n zaadje kijkt zie je de 4 krassen die de scherpe klauw van de beer daar heeft aangebracht en waar de plant zijn naam aan ontleent. De volgende dag al begon de alcohol warmgeel te kleuren. Na een week of 6 in een pot alcohol is het aroma aan de zaden onttrokken.

Aan de oevers van het Buiten IJ vond ik venkel. De zaden waren nog niet rijp maar wel al heel geurig. Ze kleurden de alcohol de volgende dag al groen.

En langs de IJbaai trof ik uitgebloeide pastinaken aan, de zaden daarvan zijn ook al zo aromatisch! Als je deze kneust, komt de geur direct vrij. Behalve hun aroma, geven ze ook een mooie oranje-gele kleur aan de alcohol.

Tip

Wil je weten waar in je Nederland bepaalde eetbare planten kunt vinden? 

Raadpleeg de Wildplukwijzer! Voor heel Nederland kan je hier terecht. Woon je in het buitenland? Dan zou het een idee kunnen zijn om ook zo’n wildplukwijzer te maken voor jouw gebied.

Vragen die leven

Waarom zijn er zoveel dode hommels onder lindenbomen?

In mijn vorige blog schreef ik over de linde met die heerlijke bloemen.
Hierop kreeg ik de vraag van lezer Ernst waarom er zo vaak dode hommels onder lindenbomen liggen. Dank je wel, Ernst, voor deze goede vraag! 
Mijn zoektocht leverde het volgende antwoord op: In juni bloeit de linde rijkelijk met veel nectar. Bijen en hommels komen hierop af, gelokt door de heerlijke geur. In juli geurt de boom nog steeds heel lekker, maar er zit dan minder nectar in. 
Bijen maken tijdens het fourageren een afweging van baten en lasten. Is de opbrengst van de hoeveelheid nectar lager dan de energie die het kost om de nectar te verzamelen, dan haken ze af. 
Hommels maken deze afweging niet. Ouderen hommels worden het eerst door uitputting geraakt en vallen dood neer.

Heb je ook een vraag over een intrigerende kwestie in de natuur?
Aarzel niet die met mij  te delen! 

Recept

Berenklauwzaad

Recept met aromatische plantenzaden

Tot slot

De link naar de leuke Wildpluk Wiki van Roel van Kollum. Deze Wiki is begonnen als initiatief van de Werkgroep Oogsten zonder Zaaien van SlowFood Nederland. Er staat goeie informatie in over wilde eetbare planten en bruikbare wildplukrecepten. 

Lindebloesem: ruiken, zien, plukken en hoe je het kan gebruiken

Lindebloesem (Hollandse linde, cultuurvariëteit Tilia europaea ‘Pallida’)
Henri Viottakade, Amsterdam, 23 juni 2021

Sinds woensdag ruikt het in de hele stad naar lindebloesem een goed moment voor een nieuwsbrief met Lindebloesem-recepten. Een andere goeie reden om jullie te schrijven is dat we weer veilig met meer dan 4 mensen op pad kunnen!

De Linde

Van oudsher een boom waar mensen graag onder zitten, Unter den Linden. Vanwege de hartvorm van het blad wordt hij gezien als een romantisch symbool.
Niet alleen het blad maar de hele boom heeft de vorm van een hart: vanaf een afstand een omgekeerd hart. In Noord West Europa komt de winterlinde, Tilia cordata (corda betekent hart), van oudsher veel voor.

Uit stuifmeelonderzoek van aardlagen blijkt dat 10.000 jaar geleden het zelfs de dominante soort was in de voedselrijke Nederlandse bossen.

 

Ik denk dat het een plant is uit de signatuurleer, de theorie dat het uiterlijk van een plant een aanwijzing is voor het lichaamsdeel waar het een geneeskrachtig werking op heeft. Van lindebloesemthee wordt gezegd dat het goed is voor je hart. De thee remt hoest, keelpijn en ontsteking van de luchtwegen. En het is diuretisch en daardoor bloeddrukverlagend, dus goed voor je hart.

Recept

Tip voor bomenliefhebbers

Kom je een onbekende boom tegen in Amsterdam waarvan je de naam wilt weten, dan kan je die heel makkelijk vinden op de bomensite van de Gemeente Amsterdam. Iedere boom staat vermeld, compleet met soortnaam, plantjaar, hoogte, beheerder en met eigen uniek boomnummer. Echt geweldig!

Webinar Medicinale Planten

Afgelopen dinsdag, 22 juni 2021,  hield ik een webinar, georganiseerd door GroeneBuurten, over medicinale planten. Een onderwerp dat met Eten uit de Natuur te maken heeft, maar waar ik meestal weinig aandacht aan besteed. Meestal ligt mijn nadruk op eetbaarheid en herkenning van wilde plantensoorten.

Naast dat groentes – zowel gekweekte als wilde eetbare planten – gezond zijn omdat ze vitamines, mineralen en vezels bevatten, hebben sommigen nog een specifiek effect. Dieren weten dit goed en maken er dan ook gebruik van. Zoals de wolapen in de Apeneheul, die na een ruzie de kalmerende kamille en kattekruid gaan eten.

Kijk het webinar terug op het YouTube kanaal van GroeneBuurten.

Binnenkort natuurlijk ook te terug te zien op het YouTube kanaal van Eten uit de Natuur

Nieuwe filmpjes


In de afgelopen maanden hebben Eveline van Dijck (YOY media) en ik weer 4 nieuwe eetbare-plantenfilmpjes gemaakt. Met in de hoofdrol de iep, de winterpostelein, de paardenbloem en hertshoornweegbree.

Hertshoornweegbree

Door het strooizout in de winter, vind je deze laatste plant steeds meer in de stad, want het is een zoutminnende soort. Hij nestelt zich vaak in de spleten van stoeptegels en hoort daarmee tot de door Willemien Troelstra geïntroduceerde categorie Stoeptegelspleetplant. Hij kan goed overleven tussen de stoeptegels. Maar minstens net zo goed in de perken, zoals te zien is in het filmpje. Daar heeft hij weliswaar meer concurrentie maar hij past zich aan door in de hoogte te groeien. Kijk maar!

 

Gisteravond vond ik een mooi exemplaar tussen de tegels tijdens het Botanisch Stoepkrijten van de Hortus, op de westhoek van de Hortusbrug. Zie de foto hierboven.

Er zijn nu 24 Eten uit de Natuurfilmpjes, te zien op het YouTube kanaal van Eten uit de Natuur

 

Ga je met mij mee op een wandeling?

Op zaterdag 2 juli van 10:00-12:30 is er weer een Eten-uit-de-Natuur- rondleiding met proeverij langs het Amsterdam Rijnkanaal.

Verzamelen:
Ingang van Camping Zeeburg, Zuider IJdijk 20, Amsterdam.

Aanmelden:
etenuitdenatuur@gmail.com

€ 10 pp

Plantenjacht, natuur en tuinen in en om de stad

Kleine veldkers (Cardamine hirsuta), Diemerpark, 2 januari 2021

Na een paar heerlijke maanden met mijn nieuwe lief, is het tijd voor een nieuwe nieuwsbrief😊.

Op de eerste dag van 2021 vonden wij tot ons grote plezier 23 soorten bloeiende wilde planten op onze wandeling langs de Amstel. De tweede dag 12 in het net gemaaide Diemerpark. Verrassend genoeg is er nog weinig bekend over welke bloemen in de winter bloeien. FLORON, de natuurorganisatie die de wilde planten in ons land onderzoekt en beschermt, organiseert sinds 2014 de Eindejaars Plantenjacht. Dat is een oproep aan iedereen om in een uur tijd alle bloeiende planten op je wandeling te noteren. Madeliefje staat steevast op de 1e plaats.
De kleine veldkers op de foto hierboven eindigde dit jaar op de 15e plaats, Als je deze planten zou rangschikken naar smaak, kwam ie ruimschoots op de eerste plaats, met de verfijnde smaak van tuinkers maar dan nóg lekkerder. Al in de winter en het vroege voorjaar is ie te vinden. Je kan hem goed herkennen aan de bladeren, ze liggen als een rozet plat op de grond.

Dat beschermt tegen kou en vraat. De bladeren groeien uit één punt aan een heel kort stengeltje, dat later uitgroeit tot de bloeistengel.
Het blad ziet er uit als een steeltje met kleine blaadjes, maar het is één samengesteld blad. Wat het steeltje lijkt is in feite de bladnerf met daaraan een oneven aantal deelblaadjes. Ze staan in paren tegenover elkaar en aan het eind staat het enkele grootste deelblaadje. Als je het blad licht kneust, ruik je de kenmerkende geur van tuinkers. 

Op de website van FLORON vind je de superleuke en nuttige Verspreidingsatlas waarin je elke wilde plant en dier in Nederland kan vinden. Er zijn lijsten met alle planten- en dierensoorten die voorkomen in een bepaald gebied, het atlasblok (een stukje land van 1 km lang en breed). En er zijn kaarten waar een bepaalde plant of dier zoals de kleine veldkers voorkomt.  

Antwoord op een veel gestelde vraag

Vaak krijg ik vragen over plukken langs paden en wegen. Ja, het is goed om bewust te zijn van hondenpies en -poep. Op en langs een pad zou ik niet plukken. Maar je kunt het er vrij makkelijk afspoelen door het een kwartier in een bak water met een eetlepel zuiveringszout, ofwel baking soda te leggen. Dat haalt alle vuil eraf. Nog even naspoelen met water. Ook koks die werken met wilde planten doen dit! 

 

Diemer Vijfhoek, 9 januari 2021

Natuur en tuinen in en rond de stad

Wat een mooi en bijzonder plekje, hè? Dit is vlakbij! De afgelopen maanden waren uitermate geschikt om de wilde natuur en tuinen in mijn eigen stad en land beter te leren kennen. Heel verrassend en inspirerend. Hier een greep:

* De Diemer Vijfhoek -ook wel PEN-eiland genoemd- is ontstaan in de jaren ’70 toen er een bouwput werd gebaggerd voor de aanleg van de nabijgelegen elektriciteitscentrale. Rond de berg bagger werden later dijken aangelegd. Nu is het een schiereiland, deels bebost met aan de randen riet. 

* Natuurtuin Slatuinen is een verrassend groot en rijk natuurgebied midden in Amsterdam West. Met een grote diversiteit aan planten, insecten, paddenstoelen. In ieder seizoen zeer de moeite waard. Regelmatig worden er voortreffelijke rondleidingen georganiseerd, onder andere door Marijke, Rob en Sil. 3 oud-cursisten van mijn cursus Eten uit de Natuur.

* NoordOogst is een Stadslandbouwproject in Amsterdam Noord. Voor iedereen toegankelijk om deel te nemen of ideeën op te doen over duurzaam voedsel.

* Anna’s Tuin en Ruigte. Voor wie deze mooie tuin in het Science Park nog niet kent, beslist een aanrader hier een keer heen te gaan, rond te kijken en verrijkt weer te vertrekken.

 

 

* Smaragdgroen is een bewonerstuin in Amsterdam Zuid met een rijke kruidentuin en veel eetbare planten, heesters en bomen. Opgezet door actieve buurtbewoners waaronder Liza en Ramses die in 2018 meededen aan mijn cursus Eten uit de Natuur.

Smaragdgroen

Gif in de tuin van broedplaats de Ceuvel

De ‘verboden tuin’ rond broedplaats de Ceuvel (ingericht op een voormalig scheepswerf in Amsterdam Noord) is aangelegd met plantensoorten die de zwaar verontreinigde grond zuiveren van gif. Hetzij door de giftige stoffen af te breken tot niet-giftige stof, hetzij door het vast te leggen. De reiniging door planten wordt fytoremediatie genoemd. 
Voor mij en andere liefhebbers van eetbare natuur heel interessant en belangrijk om te zien hoe planten omgaan met gif in hun omgeving. Als ze het afbreken, dan is het gif onschadelijk gemaakt en zou je de plant kunnen eten. Maat als ze het gif opslaan doe je dat natuurlijk liever niet! Er is geen algemene regel te geven of en hoe een plant met verontreiniging en gif omgaat, het hangt af van het soort plant en van het soort verontreiniging en gif.


In tuin van de Ceuvel wordt onderscheid gemaakt tussen planten die de gifstoffen niet opnemen, de zogenaamde excluders, en planten die het gif juist extra goed opnemen, de zogenaamde hyperaccumulatoren. De hyperaccumulatoren nemen bijvoorbeeld zware metalen op tot een concentratie ver boven die in de verontreinigde grond.
Waarom zou een plant zoiets doen? Zoekend naar het antwoord hierop, vond ik een publicatie van een onderzoek naar opslag van zware metalen door planten in de buurt van een goudmijn in Tanzania. Daar bleek dat de hyperaccumulatoren minder vatbaar zijn voor ziekte door schimmels en bacteriën.

Wat betekent dit nu voor de argeloze wildplukker? Blijf er goed op letten dat je alleen planten gebruikt van grond die niet verontreinigd is. Tussen het lijstje hyperaccumulatoren zitten hele gangbare eetbare planten, zoals duizendblad (zie foto onder), wilgenroosje en klaver. Met deze planten dus extra goed opletten! Wordt vervolgd.

 

Duizendblad in de kou, Diemer Vijfhoek, 9 januari 2021

Daslook

Wist je ….

Dat je je kunt aanmelden voor het YouTube-kanaal Eten uit de Natuur? Daar staan nu 20 filmpjes op. Abonnees krijgen bericht zodra er weer een nieuw filmpje verschijnt. Aan de reacties en leuke berichten merk ik dat men het afgelopen jaar hier tijd voor heeft. Veel kijkplezier in de komende langzaam lichter wordende dagen.

 

Met mij mee op wandeling of een cursus Eten uit de Natuur doen is nog even niet mogelijk. Wel ben ik alvast aan het voorbereiden voor als het weer kan.
Met Arja HelmIg, van de Jatuin voor ontwerp van voedselbossen en tuinen met eetbare planten, heb ik plannen gemaakt voor een cursus voedselbos met een onderdeel wildplukken. Meer hierover in een volgende nieuwsbrief. Zodra er weer meer mogelijkheden zijn, zie de agenda op de website.

 

 

In deze tijd waarop je op jezelf bent aangewezen is de natuur en het zelf verzamelen en maken van je voedsel een fijne en heilzame bezigheid. Ga lekker naar buiten, pluk een bosje -liefst jonge- brandnetels en bak deze simpele en smakelijke brandneteltaart.

Blijf gezond en veel natuurgenoegens deze winter en in het vroege voorjaar!

 

Veilig plukken, hoe doe je dat?

Hertshoornweegbree op de Nieuwe Herengracht, Amsterdam, 29 juli 2020

Midden in de coronatijd, op 8 juni, organiseerde Simone Sikking van Groene Buurten een webinar Eten uit de Natuur, een veilig alternatief voor alle vanwege corona geannuleerde activiteiten dit jaar. Geen cursus Eten uit de Natuur, geen wandelingen op de Koeienweide.

Deelnemers konden van tevoren vragen insturen.

Heel interessant dat de meeste vragen over de volgende twee punten gingen.

1. Hoe weet je dat je de juiste plant plukt.

Voor je een plant gaat eten moet je hem echt goed kennen en kunnen herkennen. Bij sommige planten is dat niet zo moeilijk, zoals madeliefje, braam, brandnetel, hondsdraf en kleefkruid. Maar bij andere planten is het moeilijker.

Het kost tijd en inspanning planten te leren herkennen. Dat is leuk en geeft veel voldoening. Als je jezelf die tijd gunt, zal je er geen spijt van krijgen.

Je kan ook een app gebruiken, zoals PictureThis

2. Hoe weet je of het veilig is.

Ja dat is evenmin makkelijk. Een paar vuistregels die ik hanteer: kan er landbouwgif gebruikt zijn; is het een hondenuitlaatplek; zijn er schapen of koeien; kan er ooit gif gedumpt zijn, of verontreinigde grond?
Als je dat niet zeker weet, helpt het om te kijken naar de vegetatie: hebben de planten vreemde vergroeiingen of verkleuringen? Wees dan op je hoede.
Verder geldt: pluk geen zieke of oude planten; pluk de planten in het juiste seizoen, kijk of de plant besmet kan zijn met ziekteverwekkers. Zie ook de wildplukregels op de website.

Als je niet zeker bent over de geschiedenis  van het gebied, kan je kijken op de site Topotijdreis. Daar kan je inzoomen op ieder stukje Nederland en met een schuifje de tijd terugdraaien, tot 1813! Dan kan je zien of iets altijd natuur is geweest. Erg leuk om te doen.

Heb je ernstige aarzelingen over een stuk grond, dan kan je altijd een monster van verdachte grond laten analyseren door een laboratorium. Ik heb daar geen ervaring mee, maar hoor graag van wie dat wel heeft.

 

Soortenrijkdom in de stad

Qua soortenrijkdom is de stad diverser dan menig natuurgebied. De stadsfora in Amsterdam telt 1425 verschillende plantensoorten.

Misschien onverwacht, maar midden in de stad staan veel wilde planten die als pionier naar de stad zijn gekomen.

En het aantal plantensoorten neemt nog jaarlijks toe.Wie hierover meer wil lezen kan terecht in het pas verschenen boek Stadsflora van de Lage Landen van urbaan ecoloog Ton Denters.

 

Hertshoornweegbree met naam op de Nieuwe Herengracht, Amsterdam, 29 juli 2020

Botanisch Stoepkrijten

Er is een speels fenomeen overgewaaid vanuit Frankrijk, naar Engeland om stadsplanten te voorzien van hun naam. Met stoepkrijt. In Nederland is het nu ook in opgang. Zo maak je zichtbaar dat de natuur overal om ons heen is. Bekend maakt bemind en bovendien is het bijzonder leuk om dit te doen.

 

Vorige week gaf ik samen met Arend Wakker vanuit de Hortus Amsterdam een excursie Botanisch Stoepkrijten, waar twee groepjes enthousiaste deelnemers op afkwamen.

Tot mijn grote plezier zag ik daar de bijzonder smakelijke hertshoornweegbree, goed om zijn naam te delen met anderen.
Vanwege het succes wordt de excursie waarschijnlijk herhaald.

Agenda

  • Rondleiding in het Amsterdamse Bos op zondag 30 augustus. 
  • Rondleidingen op het op het Surfana Festival In het eerste weekend van september.

Zie de agenda op de website.

Recepten

Heb je tijd en zin in kokkerellen?
Ik heb een heerlijk recept voor hartige berenklauwcakejes.

Blijf gezond en veel natuurgenoegens deze mooie zomer!

Berenklauw

Nieuwe Filmpjes

Eveline van Dijck / YOY Media en ik hebben weer nieuwe filmpjes gemaakt. Korte filmpjes waarin één plant centraal staat. Heb je 5 minuten?

Engelwortel

Brandnetel