Lieve Groen- en natuurvrienden,
Op 1 mei zag ik voor het eerst dit jaar een vlier in bloei staan, op een mooi landje langs de Amstel, bij het voedselbos-in-wording De Amstelaar. Sindsdien heb ik er meer gezien op beschutte zonnige plekken. Als je op de Verspreidingsatlas bij gewone vlier kijkt, dan zie je dat vlier al vanaf eind maart kan bloeien tot aan begin september, met 1 juni als top. Door zo’n lange bloeitijd spreidt de plant zijn risico’s. Vorst, storm, kou, veel regen of droogte duren zelden maandenlang dus een vlier kan altijd wel wat bessen krijgen. Als je vlierbloesem wilt plukken, plan dat dan tussen half mei en half juni. Een hittegolf kan de bloeitijd vervroegen en versnellen, dus hou daar rekening mee. Voor recepten, kijk op mijn website. Heb je geen tijd om siroop te maken, droog dan de bloesem, die kun je ook later verwerken.
Tot mijn schrik zie ik dat mijn vorige nieuwsbrief van bijna een jaar geleden dateert! Door de vele excursies, cursussen en de planning van een nieuw programma dit jaar, is het eerder tot mijn spijt niet gelukt.
Nu wil ik een aanvulling geven op het bericht over zieke planten die gebaat zijn bij een aspirientje uit de vorige nieuwsbrief met een item over weerbaarheid van planten. En ik wil stilstaan bij de vraag of je nog steeds duurzaam kunt wildplukken in ons land, zonder dieren tekort te doen.
De weerbaarheid van de plant
Het kardinaalsmutsje op de afbeelding ziet er behoorlijk slecht uit. De rupsen van de spinselmot -ook wel stippelmot- hebben al het blad opgegeten.
Toch is de situatie voor de boom niet zo dramatisch als het eruit ziet. De rupsen zijn klaar met eten en gaan zich verpoppen. De boom heeft geen last meer van ze. De slapende knoppen op de boom ontwaken binnenkort en over een maand of 6 weken staat de boom weer helemaal in het blad en lijkt er niet zoveel gebeurd te zijn.
Planten zijn heel weerbaar. In de vorige nieuwsbrief schreef ik al over een kwijnende boom die een aspirientje kreeg. Dat hielp want het salicylzuur (hoofdingrediënt van aspirine) dat planten zoals de wilg, moerasspirea en andere aanmaken, dient hun eigen afweer. Als een plant ziek is, helpt een beetje extra salicylzuur goed.
De andere wapens waarmee de plant zich beschermt tegen vraat zijn veel bekender. Iedereen kent de stekels, doorns, brandharen, harde schors, het gif en de bittere stoffen, de taaie vezels, de kleverige knoppen waarmee planten hongerige dieren op een afstand proberen te houden.
Maar er is meer. Planten blijken ook een microbioom te hebben, net als mens en dier. Het microbioom bestaat uit miljarden micro-organismen die beschermen tegen ziektes. Schimmels bijvoorbeeld zijn voor 95% van alle planten noodzakelijk om te overleven. Wil je hier meer over weten? Lees dan het boek Dankzij de Microben, van Marc-Andreé Selosse.
Twee weken geleden ontving ik de Nieuwsbrief van de Faculteit Bètawetenschappen van de Universiteit Utrecht van 30 april 2026. Het volgende artikel trok mijn aandacht:
Gewassen herenigen met microbiële partners maakt weerbaarder tegen ziektes.
Uit onderzoek blijkt dat gewassen weer samenbrengen met de micro-organismen waarmee hun voorouders in het wild samenleven een veelbelovende manier is om ze weerbaarder te maken tegen ziekteverwekkers. Promovendus Dario Ramirez Villacis verzamelde aarde en micro-organismen in het Andesgebergte in Ecuador, de oorspronkelijke groeiplaats van wilde aardappelplanten. Hij toonde aan dat gecultiveerde aardappelplanten die groeien in grond met daarin herstelde gemeenschappen van micro-organismen, minder symptomen vertonen wanneer ze worden geïnfecteerd met de aardappelziekte.
Lees hier het hele artikel.
Vragen die leven: Doe je dieren tekort als je wildplukt?
Een veel gehoorde vraag aan wildplukkers is: doe je daarmee de dieren niet tekort? Het is goed daar nog eens uitgebreid bij stil te staan. Je wilt duurzaam wildplukken, zonder dieren schade toe te brengen en planten minimaal te belasten.
Wat doet een duurzame wildplukker?
Allereerst pluk je niet in natuurgebieden of heemtuinen. Je plukt alleen van veelvoorkomende planten die er volop staan en dan nog kleine beetjes, ongeveer 1%. Denk aan braam, brandnetel, kleefkruid en gewone berenklauw. Van de zogenaamde invasieve soorten mag je gerust meer plukken, denk aan dijkviltbraam, reuzebalsemien en Japanse duizendknoop.
Planten kunnen goed herstellen van vraat. Denk aan de pas gemaaide grasvelden en bermen, hoe snel die zich herstellen! Als mensen hun tuin maaien en snoeien, halen ze vaak meer weg dan die paar blaadjes en takken die jij plukt. Zeldzame planten pluk je niet, ook minder vaak voorkomende planten laat je staan. Als je eind april bermen vol paardenbloemen ziet, kilometers lang, dan kun je er met een gerust hart 50 plukken voor een potje gelei of flesje limonade. Voor je iets plukt kijk je of er geen diertjes op zitten, of eitjes van bijvoorbeeld vlinders.
Het aantal insecten in ons land is de afgelopen jaren enorm achteruit gegaan. Door afname van hun leefgebied maar vooral door gebruik van voor insecten heel schadelijke landbouwgiffen. En van de achteruitgang van de insecten hebben vogels ook weer last. De krakeend -die kranswier eet- komt nu al vaker voor dan de wilde eend die de jongen met insecten voedt.
Kan je daar als wildplukker wat aan doen? Ja, ieder stukje groen helpt, de kleinste geveltuin of potplant maakt verschil. Gebruik wel biologische planten want helaas zitten de ‘gewone’ planten uit het tuincentrum vol gif. Koop zo veel mogelijk inheemse planten waar de insecten het meest aan hebben. Je zal zien dat insecten dankbaar gebruik zullen maken van paarse bijenplanten als lavendel en smeerwortel.
Als tegenprestatie voor het wildplukken zou je de insecten en vogels wat van die fijne planten kunnen aanbieden, op je balkon of stoep of in je tuin.
In onze Weesperzijdetuin vond ik afgelopen zondag tijdens de werkochtend verrassend veel verschillende insecten. Niet alleen veel voorkomende zoals menuetzweefvlieg. rozenkever en kaneelglasvleugelwants, maar ook minder algemene soorten zoals de bollenzweefvlieg en de bleekgele weekschildkever. (Met dank aan de app ObsIdentify voor de determinatie) Zie foto.
Grote zandkool
Gisteren zag ik deze plant op een luw plekje in de stad al in bloei. Niet zo bijzonder als je denkt want de bloeitijd is vanaf eind maart tot begin december, aldus de Verspreidingsatlas.
Een heerlijke plant, die het bovendien goed doet in ons land, in de laatste 30 jaar met een kwart toegenomen!
Zie ook het YouTube-filmpje onderaan.
PLANTENCURSUS
Duik onder in de wondere wereld van de plant
Leer de plant kennen, begrijpen en waarderen
Volksuniversiteit
De meeste mensen vinden planten niet direct spectaculair. Pas als je beter gaat kijken en je afvraagt hoe ze kunnen groeien, bloeien en overleven onder de meest barre omstandigheden, dan wordt het interessanter. En als je je realiseert dat wij in alles wat we nodig hebben (zuurstof, voedsel, medicijnen, kleding, bouwmaterialen, papier, verfstoffen enzovoorts) afhankelijk zijn van planten, dan krijgen wij meer oog voor wonderbaarlijke capaciteiten van de planten. Wil je meer weten over de wondere wereld van de planten en onder andere leren hoe een plant zijn eigen voedsel maakt? Hoe slaagt een plant erin om te overleven onder de meest extreme omstandigheden? Volg dan deze cursus.
In zes wekelijkse bijeenkomsten – die elk beginnen met een binnenles van een uur met theorie (Powerpointlezingen) gevolgd door een excursie van 1,5 uur buiten in de natuur – vanaf 4 september, verdiepen we ons in de bijzondere eigenschappen en onverwachte vermogens van planten. Bioloog en natuurgids Wies Teepe neemt je stap voor stap mee in hoe je planten leert kennen, begrijpen en waarderen.
Doel
Je leert inzicht krijgen in het leven en de eigenschappen van planten. En je ervaart hoe leuk, gezond en verrijkend het is om met andere ogen naar de natuur te kijken!
Voor wie
Voor natuurliefhebbers die meer willen weten van planten en kruiden – voorkennis is niet nodig, alleen een open blik en nieuwsgierigheid!
FLORACURSUS
Eetbare Planten
Volksuniversiteit
Je leert hoe je eetbare wilde planten herkent en onderscheidt van hun oneetbare dubbelgangers
Wat je mag plukken – en wat niet (wildplukregels!)
Waar in de natuur en in en rond de stad je ze kunt vinden en wanneer
Hoe je ze verzamelt, bereidt en toepast in je eigen keuken
En vooral: hoe leuk, gezond en verrijkend het is om met andere ogen naar de natuur te kijken!
Bij elke excursie gebruik je al je zintuigen: je leert niet alleen kijken, maar ook ruiken, voelen, proeven en luisteren naar de planten om je heen. Met handige ezelsbruggetjes, herkenningspunten en verhalen blijft wat je leert écht hangen.
Voor wie?
Voor natuurliefhebbers die meer willen weten van eetbare wilde planten en kruiden – voorkennis is niet nodig, alleen een open blik en nieuwsgierigheid!
OOGST WEESPERZIJDETUIN